Contact us | Sitemap 
DNB-divisiedirecteur Aerdt Houben blikt terug op bezoek aan Londen en New York

 
"Leerzaam om te zien dat waar de een iets als een risico beschouwt, de ander datzelfde als een kans ziet”
 
Aerdt Houben, divisiedirecteur Financiële Stabiliteit van De Nederlandsche Bank, nam eind augustus deel aan de APEP-studiereis The financial crisis: taking stock and looking ahead. In Londen en New York verwonderde hij zich over de neiging van menigeen in de financiële sector om zo snel mogelijk te willen terugkeren naar de situatie van vroeger. Tijdens een interview medio oktober in het hoofdkantoor van DNB in Amsterdam vertelde hij aan The Exchange-redacteur Robin Doeswijk welke lessen en indrukken hij uit The City en Wall Street mee naar huis nam.

"Ik vond het een buitengewoon inzichtbiedende en inspirerende trip. Er waren drie dimensies die maakten dat de reis zo goed was. Ten eerste, de actualiteit van het onderwerp: de kredietcrisis. Nu wij ons bevinden in de zwaarste economische crisis in tachtig jaar was dit een uitgelezen mogelijkheid om meer zicht te krijgen op de achtergronden en de vooruitzichten.

"Een ander aspect dat de reis zo bijzonder maakte was de samenstelling van het programma. We voerden gesprekken met de verschillende betrokken partijen, die ieder vanuit hun eigen invalshoek naar de kredietcrisis keken. De primaire actoren – dat wil zeggen de financiële instellingen: de grote banken, Goldman Sachs, HSBC, Barclays, Morgan Stanley, maar ook de nichespelers die een niet onbelangrijke rol hebben gespeeld: de hedge funds en de private equity branche – en daarnaast de toezichthouders in de financiële sector, de centrale banken en de ministeries van Financiën, die de regelgeving en de crisisbeheersingsinstrumenten overzien. Het is ontzettend inspirerend en leerzaam om te zien dat waar de één iets als een risico beschouwt, de ander datzelfde als een kans ziet. Dat terwijl de een nadenkt over regelgeving, een ander denkt aan de kosten van regelgeving. Dat waar de een streeft naar expansie, de ander werkt aan stabiliteit en duurzaamheid. De afruil bij die verschillende afwegingen was echt heel goed in beeld te krijgen dankzij dit programma.

"De derde reden – en voor mij misschien wel de belangrijkste, want ik moet eerlijk zeggen, veel van de inhoud was mij al wel bekend – was de samenstelling van de delegatie. Met politici, topambtenaren, topvertegenwoordigers van de financiële sector, toezichthouders en centrale bankiers.”

Kwam het programma overeen met wat je ervan verwachtte? Had je wel eens soortgelijke programma's meegemaakt?

"Het was voor mij de eerste keer dat ik aan het Atlantic & Pacific Exchange Program deelnam. Ik had wel goede geluiden gehoord van collega's die aan dit soort programma's hadden deelgenomen en dat had zeker mijn enthousiasme gewekt. Ik had er eerlijk gezegd vooraf amper een beeld van, het was hier zo druk dat er niet veel gelegenheid was om me lang vantevoren te verdiepen in de agenda. Mijn deelname zelf was hier tot op het laatste moment nog onderwerp van overleg, maar ik heb toch gedacht: laat ik deze kans benutten. En ik ben erg blij dat ik dat heb gedaan! Want het is hier nog bijna even onrustig als het toen was...”

Ik kan me voorstellen dat het extra fijn was om even weg te zijn uit de dagelijkse hectiek.

"Nou, de reis gaf zeker even een ‘helicopter view' op de problemen waarmee ik zelf veel meer in concrete zin bezig ben.”

Voor ons als organisator altijd een interessante vraag: hoe heb je het programma ervaren qua intensiteit?

"Ik weet niet of ik representatief ben voor alle deelnemers, maar wat mij betreft kan het niet intensief genoeg zijn. Je neemt aan zo'n programma deel omwille van de inhoud. Een deel van het programma bestaat uit interactie met de andere delegatieleden, dat is misschien minder inhouds-intensief, maar heel nuttig vanuit netwerk-oogpunt.”

Wat waren voor jou de hoogtepunten uit het programma, is er een onderdeel of inhoudelijk aspect dat er echt uitsprong? Heb je echt iets nieuws of bijzonders gehoord?

"Heel belangrijk voor mij was de constatering dat ik niet de indruk kreeg bij met name de financiële instellingen dat sprake was van een heel diepe breuk in hun businessmodel, in hun gedrag en in hun aansturing van activiteiten en personeel. Daar waar je juist zou hopen, althans vanuit het gezichtspunt van de toezichthouder, dat bedrijven veel intensiever bezig zouden zijn met het trekken van lessen en het doorvoeren van aanpassingen. Ik proefde in veel van de gesprekken een wens om zo snel mogelijk terug te keren naar hoe het vroeger was, in plaats van ambitie om zo snel mogelijk nieuwe werkmethodes of nieuwe manieren van aansturing in te voeren. En dat verbaast mij! Hoewel wij als centrale bank ons enorm inspannen om maatregelen te nemen die de stabiliteit beschermen en marktwerking bevorderen merkte ik, met name bij de gesprekken met de commerciële partijen, dat zij juist bij iedere maatregel bewust gaan nadenken: hoe kan ik deze omzeilen of hoe kan ik rendement halen uit een stabiliteitsmaatregel – terwijl je eigenlijk op het tegenovergestelde hoopt. Daar moet nog een slag worden gemaakt.

"Het tweede dat mij is bijgebleven is dat de vooruitzichten voor herstel broos zijn, dat de financiële sector kwetsbaar blijft en nog altijd sterk afhankelijk is van de steun die van overheidswege wordt geboden, via monetair en budgettair beleid en middels financiële steunmaatregelen.”

Heb je bepaalde dingen gemist?

"Nee, ik heb daar over nagedacht maar heb niet het gevoel gehad dat er onderdelen ontbraken. Je kunt altijd nog extra dingen verzinnen, bijvoorbeeld de FDIC, de depositogarantieregeling die zich met name richt op de kleine banken die in de problemen zijn gekomen. Daar hadden we ongetwijfeld nog wel wat aardige inzichten kunnen opdoen, met name over de problemen bij de kleinere spelers, daar waar de nadruk nu meer lag op de grotere spelers. Maar over het algemeen moet ik zeggen dat ik het een heel rijk en veelzijdig programma vond.

"In de presentaties zaten voor mij niet veel echt nieuwe dingen, maar dat heeft er ook mee te maken dat ik behoorde tot de deelnemers die al het diepst in de materie zaten. Uiteindelijk was het evenwicht prima, omdat bijna iedere spreker de mogelijkheid bood om tot verdieping te komen. Na de presentaties was er in de regel veel ruimte voor bilaterale gedachtewisselingen en dat gaf een ieder de kans om nader in te gaan op de vraagstukken waar hij of zij zelf mee worstelt.

"Al met al was het een waardevolle reis die ons, met een bezoek aan deze twee steden op dat moment, zicht bood op history in the making”.

 


 
Exchange subscription

@ 2008 APEP All Rights Reserved
 |  Print this page